Roomlepels hebben een lange geschiedenis, de meest vroege roomlepels zijn ontstaan aan het einde van de 17e eeuw.

In de achterliggende eeuwen laat de roomlepel een diversiteit in uitvoeringen zien, zo hebben de op de hand gedreven lepelbakken van de roomlepels verschillende vormen, formaten en decors. De schildjes en figuren werden gegoten, de figuren meestal met de eindkrul van de steel eraan vast. Er waren zilversmeden die zich specialiseerden in het gieten en dit gietwerk kon dan ook bij hen besteld worden, dit verklaart de hoeveelheid van identieke schildjes en figuren die bij de verschillende zilversmeden te vinden zijn.

Roomlepels hebben een ondiepe groot formaat lepelbak waardoor ze geschikt zijn voor het serveren van zowel niet geklopt als opgeklopt room. Deze room werd gebruikt op nagerechten die geserveerd werden op Chinees porseleinen en Delfts aardewerk roombordjes.

Bij de roomlepels werden ook roomkommen gebruikt. Deze werden vanzelfsprekend gemaakt uit zilver maar er bestaan ook roomkommen van (Chinees) porselein, aardewerk en kristal.

De roomlepels die gemaakt zijn vóór 1807 (het begin van de keuring tijdens het Koninkrijk Holland) zijn uitsluitend met een meesterteken gekeurd waardoor de vaststelling van een datering zéér moeilijk geworden is, vooral als de betreffende zilversmid gedurende een lange periode werkzaam is geweest.

De meest vroege roomlepels stammen uit de noordelijke provincies, echter de latere vanaf het einde van de 19e eeuw gefabriceerde roomlepels werden gemaakt door zilversmeden uit geheel Nederland, waarbij vermeld moet worden dat de meeste hiervan werden gemaakt in Schoonhoven “het grote productiecentrum van klein schepwerk”.

Deze latere roomlepels verschillen in uitvoering nogal van de vroege, zo hebben de stelen een grote diversiteit maar zijn meestal niet gegoten maar gedreven en gegraveerd en zijn de lepelbakken glad.

Tegenwoordig zijn roomlepels een interessant verzamelobject en worden ze nog steeds gebruikt bij het serveren van room op de koffie of op nagerechten.